Eigenlijk is de weg naar het nieuwe leren vooral een kwestie van – jawel - leren. Leren over voortschrijdende mogelijkheden, leren over afwijkende inzichten, leren over de belevingswereld van kinderen en vooral ook leren van én met elkaar. Al deze en meer aspecten kwamen dan ook aan bod tijdens de tweede editie van het Kennisfestival ‘Leren in Brainport’, op 11 oktober in het Evoluon in Eindhoven. Een (nog altijd) futuristische locatie om de toekomst van innovatief leren te presenteren, bespreken, bekritiseren en – uiteindelijk - vorm te geven. Waar anders eigenlijk dan in de vooruitziende Brainport regio?

Aan het woord: Vivian van Gaal, coördinator educatie MU, social designer Lisa Hu en Jan van der Heijden, voorzitter College van Bestuur QliQ Primair Onderwijs.

Waar het gaat om talentontwikkeling, of het vormgeven van individuele leertrajecten, gaat het ook om creativiteit. Een begrip dat niet meteen de boventoon voert in de dialoog over het nieuwe leren, maar zeker niet minderwaardig is. Sterker nog; begrippen die wel de boventoon voeren, zoals ondernemerschap, digitalisering en 21st century skills, zijn onlosmakelijk verbonden met creativiteit. Daarom in dit laatste voorbeschouwende artikel naar aanleiding van de tweede editie van het Kennisfestival aandacht voor drie educatieve spelers die het belang van creativiteit onderstrepen.

Zelfexpressie
Onder andere vanuit de culturele hoek komen innovatieve initiatieven voor het onderwijs, zoals de publieks- en educatieprogramma’s van MU uit Eindhoven (onder de noemer MU Play&Learn). Daarmee wil MU ‘jong en oud op een speelse manier laten kennismaken met kunst en beeldcultuur en de nieuwe creatieve technieken die vandaag de dag door kunstenaars gebruikt worden’, aldus de omschrijving op de website. Coördinator educatie Vivian van Gaal komt zodoende vaak op scholen en concludeerde dat ‘op beeldgebied de computer nog steeds een grote afwezige is’. “Natuurlijk speelt ICT wel een grote rol op scholen, maar vooral in praktische zin. De verbinding tussen creativiteit en technologie is heel karig. En dat is jammer, omdat een computer ook een instrument is voor zelfexpressie, zoals veel kunstenaars die exposeren bij MU laten zien. Wij zochten daarom een manier om kinderen te tonen dat je met computers of tablets niet alleen een gebruiker, maar ook een maker kunt zijn.”

Macht over de computer
Omdat programmeren (of coderen) de basis is van technologie, besloot MU om ‘een cursus  te ontwikkelen waarmee kinderen op speelse wijze leren om de macht over de computer te krijgen’, aldus Van Gaal. “Ik heb een diverse groep mensen uit de culturele en educatieve sector uit Brabant en Nederland bij elkaar gebracht en zo kwam vanuit scholen de vraag om een leerlijn te ontwikkelen voor creatief gebruik van ICT voor leerlingen van groep vijf van het basisonderwijs tot en met de derde klas van het voortgezet onderwijs.” Daarop volgden pilots waarbij kunstenaars en kinderen samen aan de slag gingen en de eerste testfase is inmiddels afgerond. Vorig jaar kregen bezoekers van het Kennisfestival al een voorproefje van de creatieve codes in een proefspeeltuin en tijdens de komende editie kan de nieuwe versie uitgeprobeerd worden aan de hand van GoTo, een tekenrobot die je zelf kunt programmeren. “Daarnaast hebben we De Codeshow”, vult Van Gaal aan. “Daarin laten we zien en ervaren waarom het zo belangrijk is om de taal van de computer eigen te maken en hoe je code als creatief instrument kunt gebruiken.”

Vraagstukken
Een andere manier om in de doe-modus te blijven tijdens het festival is door het Terra Nova spel van social designer Lisa Hu te spelen. “Een serious game om kinderen over de grote vraagstukken van het leven en de maatschappij na te laten denken”, zo vat Hu samen. “Aan de hand van een verhaallijn op een onbewoond eiland discussiëren kinderen over hun ideale samenleving, die ze daar samen moeten opbouwen. Los van alle bestaande regels of manieren en uitgedaagd door morele dilemma’s. Dat roept creativiteit op, want er zijn geen begrenzingen en daardoor kunnen kinderen andere oplossingen bedenken voor die dilemma’s.” Enkele voorbeelden: “Er worden een paar kokosnoten gestolen op het eiland en dat zorgt voor wantrouwen. Hoe ga je daar vervolgens mee om? Dezelfde vraag geldt voor nieuwelingen die op een gegeven moment op het eiland aankomen. Ze zien er anders uit, hebben andere gebruiken. Krijgen ze een eigen plek? En zo ja, ook dezelfde rechten of juist minder omdat ze er later bij zijn gekomen en niet hetzelfde zijn?”

Burgerschapsonderwijs
Zo zit het spel ‘barstensvol metaforen’ uit het echte leven, aldus Hu. “Het is mooi om te zien dat kinderen zich daardoor realiseren dat je lang moet nadenken over zulke kwesties en dat ze verschillende inzichten nodig hebben.” De ontwerper begon in 2013 met Terra Nova als afstudeerproject aan de Design Academy Eindhoven en werkt nu aan de laatste fase. “Ik heb het spel bedacht naar aanleiding van het idee dat sommige vaardigheden van kinderen in het huidige onderwijssysteem niet gestimuleerd worden. De Cito-toets meet puur cognitieve vaardigheden, maar geen eigenschappen zoals creativiteit of interpersoonlijke interactie. Burgerschapsonderwijs krijgt in Nederland minder aandacht dan nodig is, omdat het moeilijk meetbaar is. Daar wilde ik iets aan doen.” Volgens Hu zorgt het spel ervoor dat kwaliteiten van leerlingen (beter) zichtbaar worden: “Een kind dat misschien niet veel heeft met de definities en theorie achter het spel, kan daar gevoelsmatig wel heel goede ideeën over hebben. Dat komt tijdens het spelen naar voren en wordt uitgebeeld met behulp van het spelmateriaal.”

Programmeertaal
Dat stimulering van creatieve educatie niet per se van externe partijen hoeft te komen, blijkt uit een nieuw initiatief van QliQ Primair Onderwijs, een collectief van veertien scholen in de regio Helmond. Op 12 oktober (de dag na het Kennisfestival) opent die organisatie een gloednieuw programmeer lab voor techniek, waar leerlingen van alle scholen gebruik van kunnen maken. Gerealiseerd door het QliQ innovatieteam in samenwerking met bedrijven en wetenschappers. Volgens Jan van der Heijden, voorzitter College van Bestuur, een broodnodige modernisering: “Kinderen leren op school allerlei talen, maar geen programmeertaal. Terwijl dat juist een heel logische, stapsgewijze manier van leren is waar ze ook met andere vakken profijt van hebben.” In het lab gaan leerlingen aan de slag met robots en andere mechanica. Bedrijven uit de regio leveren content voor het lab, zowel inhoudelijk als financieel of door middel van gedetacheerde medewerkers die presentaties of workshops geven.

In beweging
QliQ koos voor een eigen lab vanwege ‘de kracht van herhaling’, aldus Van der Heijden. “Een jaarlijks uitstapje in de vorm van een techniekproject zet geen zoden aan de dijk. Onderwijs is nooit af, het moet in beweging blijven omdat onze maatschappij ook in beweging blijft. Met een eigen lab kun je daarin meegaan. Ook maakt het nieuwe leren kinderen tot onderzoekers; ze moeten op zoek naar zaken buiten zichzelf en de school. Daarvoor hebben ze onderzoeksvaardigheden nodig en wij hadden dat als school niet in huis. Bovendien blijkt dat informatie verkregen door onderzoek veel beter blijft hangen dan via andere leermanieren. En dat leidt weer tot meer inzicht in de materie.” De intentie is om op meer QliQ-scholen een lab te realiseren. “Maar we testen eerst uit of het werkt zoals we dat voor ogen hebben. Pas als we ons doel bereikt hebben, gaan we het concept breder uitrollen. De eigen ‘onderzoekshouding’ van onze scholen is immers net zo belangrijk”, besluit Van der Heijden toepasselijk.